Een elektrische auto betekent niet automatisch dat de benzineslang volledig overbodig wordt. Sommige elektrische auto’s hebben nog de hulp van een verbrandingsmotor nodig, die helpt om de accu’s op te laden tijdens het rijden. Maar ondanks deze ‘ouderwetse’ motor aan boord krijgen deze auto’s wel alle fiscale voordelen van de volledig elektrisch aangedreven auto.
Of dit fiscale voordeel terecht is, hangt af van het gedrag van de berijder; net als de mogelijke voor milieu en werkgever (namelijk de besparing op brandstofkosten). Door ‘goed rijgedrag’ te belonen, heeft de werkgever dit deels zelf in de hand.
Het risico van het huidige systeem is evident: een stijgend aantal zakelijk rijders kiest vanwege de voordelen voor de eigen portemonnee een auto met de maximale fiscale voordelen en vrijstellingen. Zonder dat het klimaat, of de werkgever, daar beter van worden. Als een berijder meer op de hulpmotor rijdt dan volledig elektrisch, worden de milieuvoordelen immers niet optimaal bereikt en zijn de brandstofkosten voor de werkgever fors hoger dan begroot.
Aansporen
Het onderzoek dat Alphabet eerder deze week openbaar maakte, maakt duidelijk dat het hierboven genoemde risico zeer reëel is. Als berijders niet worden aangespoord om hun EV op te laden, kan de overheid vraagtekens zetten bij nut en noodzaak van de regeling. Met mogelijk het verdwijnen van de regeling tot gevolg. En dat zou een enorme domper zijn voor de introductie van elektrisch rijden in Nederland. Dan gaat alle potentiële milieuwinst van de techniek verloren. Hier ligt een taak voor autoindustrie, dealers, leasemaatschappijen en werkgevers.
Om het niet zo ver te laten komen, doen we de laatste groep, de werkgevers die hun medewerkers een elektrische auto aanbieden een paar suggesties:
•Kijk goed naar het mobiliteitsprofiel van de berijder. Wie iedere dag lange ritten moet maken, kan op dit moment nog beter kiezen voor een zeer zuinige auto met een andere brandstof dan elektriciteit.
•Zorg als werkgever voor laadpalen op het parkeerterrein van het bedrijf en zorg voor oplaadmogelijkheden op het woonadres van de medewerker.
•Introduceer een competitie-element; welke zakelijke rijder van een e-car met een range extender tankt de minste liters benzine? Wie de competitie wint, krijgt een leuk, passend cadeau. De kosten daarvoor vallen ongetwijfeld in het niet bij de uitgespaarde brandstofkosten.
•Koop scherp in: spreek met de leasemaatschappij een scherpe prijs af waarbij gerekend wordt met een groot aantal e-kilometers. Wie het haalt, heeft het voordeel van een lage kilometerprijs. En wie te vaak naar de brandstofslang heeft gegrepen, moet bijbetalen.
•Verschaf uw medewerkers geen tankpas; het is misschien een beetje rigoureus, maar wel een optie. Wie niet het gemak heeft om overal met een pasje te kunnen afrekenen wordt bewuster van zijn of haar gedrag. De tankkosten worden dan privé voorgeschoten en kunnen later gedeclareerd worden. Hoeveel er gedeclareerd kan worden bepaald de werkgever in overleg met zijn medewerkers.
Zoals voor alle fiscaal bevoordeelde ‘groene’ auto’s geldt ook voor de categorie elektrische auto’s met range-extender: het optimale vergroeningsresultaat hangt af van het gedrag van de bestuurder.
Eric Beers is voorzitter Platform Elektrische Mobiliteit.

Zakelijke berijders van niet volledig elektrische auto’s zoals de Opel Ampera en de Toyota Prius plug-in hybrid, moeten worden uitgedaagd om de brandstofslang te mijden. Alleen dan heeft de fiscale stimulans effect op milieu en energie/brandstofkosten voor de werkgever. Dat zegt Eric Beers namens het Platform Elektrische Mobiliteit (PEM).
Europees Parlement is voor een nieuwe testprocedure om de... - 24 april
Onze nieuwe uitgeverij MobilityMedia hield afgelopen donderdag... - 23 april